We zijn doorgaans behoorlijk overtuigd van onze eigen kwaliteit. We rijden beter dan gemiddeld, maken weinig fouten wanneer het gaat om spelling en behoren binnen ons vakgebied tot de absolute experts. Statistisch gezien is het simpelweg onmogelijk dat we het allemaal bij het juiste eind hebben als 95% van de mensen aangeeft dat ze beter rijden dan de gemiddelde bestuurder in een land. Hoe komt het dat we onszelf zo overschatten? Heeft dat een functie en kunnen we er iets aan doen? Ik duik als Consumentenpsycholoog in het Lake Wobegon-effect: het effect van zelfoverschatting.
Van links naar rechts of van rechts naar links: productoriëntatie bepaalt de beoordeling
8 augustus 2016Zowel online als in fysieke winkels lopen we de beschikbare producten langs. We lezen van links naar rechts en scrollen normaal gesproken vooral van boven naar beneden. Dat betekent dat we met onze ogen gerichte bewegingen maken. We bewegen onze ogen door de schappen of langs het online aanbod aan producten. Deze oogbewegingen zijn van invloed op de beoordelingen van de producten die we zien. Hoe je daar als marketeer slim op kunt inspelen? Door de producten te positioneren op basis van de gangbare oogbewegingen zorg je voor de meest optimale productbeoordelingen.
Het is de laatste minuut van Frankrijk – Zwitserland tijdens EURO 2016. De Fransen zijn gastheer en vanwege 0 – 0 op het bord lijkt er een gelijkspel uit te komen. De Fransen worden op die manier groepswinnaar en treffen een relatief gemakkelijke tegenstander in de achtste finales. Bacary Sagna van de Fransen trekt de Zwitserse Blerim Dzemaili in het strafschopgebied aan z’n shirt en ontneemt ‘m zo een scoringskans. Penalty? Nee, de scheidsrechter besluit door te laten spelen: niets aan de hand. Zo’n onterecht niet gegeven penalty voelt voor een scheidsrechter stukken minder ongemakkelijk dan een eventueel onterecht wel gegeven penalty, dus bij twijfel heeft hij de neiging niets te doen. Hoe dat komt? Daar ligt psychologisch de omission bias aan ten grondslag.
Overtuigen is een vak: het is de kunst om de boodschap zo te brengen dat de ontvanger daar optimaal gevoelig voor is. Er is veel onderzoek gedaan naar de rol van macht en onmacht binnen het overtuigen. Tot nu toe bleek vooral dat zij met meer macht gemakkelijker overtuigen dan zij zonder macht. Toch ligt het iets genuanceerder. Uit recent onderzoek van Dubois, Rucker en Galinsky (2016) blijkt dat macht vraagt om overtuigen met competenties zoals onmacht vraagt om warmte.
De hashtag #selfie komt op Instagram maar liefst 257 miljoen keer voor. En dat is maar goed ook! Door meer selfies te nemen gaan we ons immers vanzelf knapper vinden op groepsfoto’s en andere foto’s die anderen van ons nemen. Hoe dat komt? Dat heeft te maken met het Mere Exposure Effect. Dat wat je vaker ziet ga je vanzelf beter waarderen, dus het is de moeite waard om voortaan iedere dag een selfie te nemen.
Uit onderzoek blijkt dat 90% van de consumenten eerst online reviews leest voordat zij aankopen doen. Een bijna even groot deel (88%) van hen vertrouwt die reviews net zo sterk als persoonlijke aanbevelingen van anderen. Met name lokale bedrijven kunnen daarvan profiteren, want 92% van de consumenten doet daar pas zaken bij minimaal een 4-sterrenrating op basis van de online reviews voor die onderneming. Een artikel op FrankWatching.com uit 2012 (!) geeft echter al aan dat die online reviews mogelijk helemaal niet zo betrouwbaar zijn. Waarom vertrouwen we onterecht toch zo sterk op online reviews? Ik duik er als consumentenpsycholoog voor je in aan de hand van een recent wetenschappelijk artikel van De Langhe, Fernbach en Lichtenstein (2016).
We houden niet van verliezen. Niet van het verliezen van wedstrijden, niet van het verliezen van onze waardevolle bezittingen en niet van het verliezen van kansen. Verliezen weegt 2,5x zwaarder dan winnen, dus we zijn biologisch geprogrammeerd om dat zoveel mogelijk te voorkomen. Marketeers kunnen daar slim gebruik van maken en spreken je daarom regelmatig aan in verliestaal. Ze spelen in op onze loss aversion, vrij vertaald een verliesaversie.
Plaats je de salade links of rechts op de menukaart? En waar plaats je vervolgens de burgers? We hebben een onbewuste voorkeur voor gezonde producten aan de linkerzijde van de menukaart. Het is onze onbewuste verwachting met betrekking tot de volgorde van producten die ons aankoopgedrag stuurt. Met de salades op links komt het prettiger voor ons over en kiezen we gemakkelijker voor een gezonde maaltijd. Ik duik in dit opvallende consumentengedrag aan de hand van een recent wetenschappelijk artikel van Romero en Biswas (2016).
Festivalkaartje gekocht en valt het ‘s morgens al met bakken uit de hemel? Zij die hun kaartje weggooien en daar niet meer over nadenken maken psychologisch gezien de beste keuze. Toch maar naar het festival gaan en hopen dat er met een poncho om toch nog iets van te maken valt? Dan trap je in de sunk cost fallacy. Het is de cognitieve denkfout die ons laat vasthouden aan uitgaven die we reeds eerder deden, zonder dat we daar direct beter van worden.
Biologische voedingsmiddelen beperken de schadelijke invloed op het milieu en met een elektrische auto beperken we de CO2-uitstoot die we veroorzaken. Het zijn uiterst ethische keuzes die laten zien dat we het hart moreel op de juiste plaats hebben zitten. Tenminste, als je de aankopen doet met geld dat je zelf verdiende. Uit recent onderzoek van Olson, McFerran, Morales en Dahl (2016) blijkt dat we hen met een uitkering liever niet van dergelijke aankopen zien doen. We hebben liever dat ze gewoon voor de goedkoopste keuze gaan. Van ‘ons’ geld.


